Thema: Mag Ik dichtbij komen?
Voor de dienst:
Orgelspel
Lied voor de dienst – (door organist)
Welkom en mededelingen – door de ambtsdrager van dienst.
Voorbereiding.
Intochtslied – NLB 121 verzen 1 en 2 Ik sla mijn ogen op en zie
Stil gebed, Bemoediging, Groet
Gebed
Leefregels: Tekst: Romeinen 12:1-2, 9-21 (NBV21)
1 Broeders en zusters, met een beroep op Gods barmhartigheid vraag ik u om uzelf als een levend, heilig en God welgevallig offer in zijn dienst te stellen. Dat is de ware eredienst die van u wordt gevraagd.
2 U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld, maar u veranderen door uw gezindheid te vernieuwen, om zo te ontdekken wat God wil en wat goed, volmaakt en Hem welgevallig is.
9 Laat uw liefde oprecht zijn. Verafschuw het kwaad en wees het goede toegedaan.
10 Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf.
11 Laat uw enthousiasme niet bekoelen, maar laat u aanvuren door de Geest en dien de Heer.
12 Wees verheugd door de hoop die u hebt, wees standvastig wanneer u tegenspoed ondervindt, en bid onophoudelijk.
13 Bekommer u om de noden van de heiligen en wees gastvrij.
14 Zegen uw vervolgers; zegen hen, vervloek hen niet.
15 Wees blij met wie zich verblijdt, heb verdriet met wie verdriet heeft.
16 Wees eensgezind; wees niet hoogmoedig, maar zet uzelf aan tot nederigheid. Ga niet af op uw eigen inzicht.
17 Vergeld geen kwaad met kwaad, maar probeer voor alle mensen het goede te doen.
18 Stel, voor zover het in uw macht ligt, alles in het werk om met alle mensen in vrede te leven.
19 Neem geen wraak, geliefde broeders en zusters, maar laat God uw wreker zijn, want er staat geschreven dat de Heer zegt: ‘Het is aan Mij om wraak te nemen, Ik zal vergelden.’
20 En ergens anders staat: ‘Als uw vijand honger heeft, geef hem dan te eten, als hij dorst heeft, geef hem dan te drinken. Dan stapelt u gloeiende kolen op zijn hoofd.’
21 Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede.
Lied: Joh. de Heer 133 verzen 1 en 5
Hij die rustig en stil
1 Hij die rustig en stil
zich steeds voegt naar Gods wil,
Hem in alles vertrouwt en gelooft,
die slechts hoort naar Zijn stem,
zich geheel geeft aan Hem,
smaakt een vreugde die nimmer verdooft.
refrein:
Zie slechts op Hem,
volg gehoorzaam Zijn stem;
blijf maar rustig vertrouwen.
Altijd ziende op Hem.
5 O, hoe groot is ’t genot,
als men wandelt met God,
hier door ’t leven gaat, eerlijk oprecht,
als in droefheid of vreugd,
men in Hem zich verheugt,
en zijn al op 't altaar heeft gelegd.
refrein
YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=P3BcT8WQ_Uk&list=RDP3BcT8WQ_Uk&start_radio=1
Dienst van het woord.
Gebed om de Heilige Geest
Eerste deel Schriftlezing: Johannes 4:5-18 (NBV21)
5 Zo kwam Hij bij de Samaritaanse stad Sichar, dicht bij het stuk grond dat Jakob aan zijn zoon Jozef gegeven had,
6 waar de Jakobsbron is. Jezus was vermoeid van de reis en ging bij de bron zitten; het was rond het middaguur.
7 Toen kwam er een Samaritaanse vrouw water putten. Jezus zei tegen haar: ‘Geef Mij wat te drinken.’
8 Zijn leerlingen waren namelijk naar de stad gegaan om eten te kopen.
9 De vrouw antwoordde: ‘Hoe kunt U, als Jood, mij om drinken vragen? Ik ben immers een Samaritaanse!’ (Joden gaan namelijk niet met Samaritanen om.)
10 Jezus zei tegen haar: ‘Als u wist wat God wil geven, en wie het is die u om water vraagt, zou u Hém erom vragen en dan zou Hij u levend water geven.’
11 ‘Maar heer,’ zei de vrouw, ‘U hebt geen emmer, en de put is diep – waar wilt U dan levend water vandaan halen?
12 U kunt toch niet meer dan Jakob, onze voorvader? Hij heeft ons die put gegeven en er zelf nog uit gedronken, en ook zijn zonen en zijn vee.’
13 Jezus antwoordde: ‘Iedereen die dit water drinkt zal weer dorst krijgen,
14 maar wie het water drinkt dat Ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat Ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’
15 ‘Geef mij dat water, heer,’ zei de vrouw, ‘dan zal ik geen dorst meer hebben en hoef ik ook niet meer hierheen te komen om water te putten.’
16 Toen zei Jezus tegen haar: ‘Ga uw man eens roepen en kom dan weer terug.’
17 ‘Ik heb geen man,’ zei de vrouw. ‘U hebt gelijk als u zegt dat u geen man hebt,’ zei Jezus,
18 ‘u hebt vijf mannen gehad, en degene die u nu hebt is uw man niet. Wat u zegt is waar.’
Lied – NLB 653 vers 3 Gij zijt het water ons ten leven
Tweede deel Schriftlezing: Johannes 4:5-18 (NBV21)
19 Daarop zei de vrouw: ‘Ik begrijp dat U een profeet bent, heer.
20 Onze voorouders vereerden God op deze berg, en bij u zegt men dat in Jeruzalem de plek is waar God vereerd moet worden.’
21 ‘Geloof Me,’ zei Jezus, ‘er komt een tijd dat jullie noch op deze berg, noch in Jeruzalem de Vader zullen aanbidden.
22 Jullie vereren wat je niet kent, wij vereren wat we kennen; de redding komt immers van de Joden.
23 Maar er komt een tijd, en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, Hem aanbidt vervuld van Geest en waarheid. De Vader zoekt mensen die Hem zo aanbidden,
24 want God is Geest, dus wie Hem aanbidt, moet dat doen vervuld van Geest en waarheid.’
25 De vrouw zei: ‘Ik weet wel dat de messias zal komen,’ (dat betekent ‘gezalfde’) ‘wanneer hij komt zal hij ons alles vertellen.’
26 Jezus zei tegen haar: ‘Ik ben het, degene die met u spreekt.’
27 Op dat moment kwamen zijn leerlingen terug, en ze verbaasden zich erover dat Hij met een vrouw in gesprek was. Toch vroeg niemand: ‘Waar bent U op uit?’ of: ‘Waarom spreekt U met haar?’
28 De vrouw liet haar kruik staan, ging terug naar de stad en zei tegen de mensen daar:
29 ‘Kom mee, er is iemand die alles van mij weet. Zou dat niet de messias zijn?’
30 Toen gingen de mensen de stad uit, naar Hem toe.
Lied – NLB 653 vers 7 O Christus, ons van God gegeven
Verkondiging
Wanneer ik het aangeef lezen we het slot van het verhaal van de Samaritaanse vrouw:
Johannes 4:39-42
39 In die stad kwamen veel Samaritanen tot geloof in Hem door het getuigenis van de vrouw: ‘Hij weet alles van mij.’
40 Ze gingen naar Hem toe en vroegen Hem bij hen te blijven. Toen bleef Hij nog twee dagen.
41 Nog veel meer mensen kwamen tot geloof door wat Hij zei;
42 ze zeiden tegen de vrouw: ‘Wij geloven nu niet meer om wat jij gezegd hebt, maar we hebben Hem zelf gehoord en we weten dat Hij werkelijk de redder van de wereld is.’
Luisterlied – Opwekking 518 ‘Heer U doorgrond en kent mij’ – met YouTube:
https://www.youtube.com/watch?v=3A9Eh5fIsH0&list=RD3A9Eh5fIsH0&start_radio=1
Dienst van de gebeden.
Dank en voorbeden, stil gebed en Onze Vader.
Inzameling van de gaven (tijdens collecte graag orgelspel)
Slotlied. NLB 425 Vervuld van uw zegen
Wegzending en zegen.